Anti-militarisering Zuid-Koreaanse stijl

Javier Gárate

Tijdens de eerste twee weken van oktober 2012 bezocht ik Zuid-Korea op invitatie van de vredesbeweging World Without War. Ikzelf werk bij de internationale koepelorganisatie War Resisters International (WRI) en werd in die hoedanigheid gevraagd om in Zuid-Korea een aantal trainingen te gaan geven rond geweldloze actie. Ik werd ook uitgenodigd om het dorpje Gangjeong te bezoeken. De inwoners van Gangjeong zijn verwikkeld in een geweldloze strijd tegen de komst van een enorme militaire basis op hun eiland Jeju.

Geostrategie

Zuid-Korea is een gemilitariseerd land. Sinds de Koreaanse Oorlog in de jaren 1950 is er nog altijd geen officieel vredesverdrag ondertekend tussen Zuid-Korea en buurland Noord-Korea, een situatie die dienst doet als een permanente reden om te blijven militariseren. Het onmiddellijk gevolg hiervan is de aanwezigheid van ongeveer 70 Amerikaanse militaire basissen in Zuid-Korea. Er zijn Amerikaanse troepen gestationeerd in het land sinds 1950. Historisch gezien was de belangrijkste rol van deze VS-troepen het afraden van Noord-Korea om enige oorlogsdaden te ondernemen tegen zijn zuidelijke buur. Een 'Global Posture Review' van het VS-ministerie van Defensie (de herziening van de positionering van de Amerikaanse troepen in het buitenland) veranderde de rol van de Amerikaanse troepen op het Koreaans schiereiland na de Koude Oorlog van een stationair leger naar een regionale spil voor snelle ontplooiing dat in staat moet zijn om preventief aan te vallen. Het Land Partnerschaps Plan van Zuid-Korea en de Verenigde Staten uit 2002 reorganiseerde de Amerikaanse troepen in minder, maar grotere basissen en trainingscentra. Vooral de basissen die geclusterd waren aan de demarcatielijn (grens tussen Noord- en Zuid-Korea) werden gesloten. De basissen in het zuiden van het land werden echter verder uitgebouwd. De capaciteit van de VS om goed getrainde troepen uit te sturen naar andere Aziatische landen werd hierdoor in het afgelopen decennium aanzienlijk vergroot. Dit alles kadert uiteraard in de bredere Amerikaanse strategie om zich militair zo sterk mogelijk te positioneren in de Aziatische regio van de Stille Zuidzee, met als doel de intimidatie van de opkomende economische grootmacht China. Niet alleen Zuid-Korea is immers bezig met omvangrijke militaire moderniseringsprogramma's en de versterking van zijn banden met de VS, ook in Japan, India, Indonesië en Vietnam zien we gelijkaardige evoluties. De laatste jaren is de VS er eveneens in geslaagd om Cambodja, Laos, Myanmar en Vietnam in zijn politiek-militair netwerk op te nemen, en heeft het de relaties met Maleisië en Singapore versterkt. De VS weet handig gebruik te maken van de territoriale geschillen rond bepaalde eilanden in de Zuid-Chinese Zee tussen China en een reeks andere landen in de regio, om de militaire banden met die landen aan te halen. Het grootste deel van de Aziatisch-Pacifische regio wordt militair gedekt door de VS 'Pacific Command' (USPACOM), waarin onder meer de Derde Vloot met thuisbasis in Californië en de Zevende Vloot die opereert vanuit Japan, een zeer belangrijke rol spelen. De Zevende Vloot alleen, telt 50 tot 60 oorlogsschepen, 350 vliegtuigen en 60.000 VS-soldaten. De nieuwe militaire basis op Jeju-eiland in Zuid-Korea is van groot belang bij de verdere positionering van de VS in de regio van de Aziatische Stille Zuidzee. Het Amerikaanse leger zal immers de volledige basis ter beschikking hebben. Het eiland Jeju ligt amper 482 km van de Chinese kust en zal dus een strategische haven worden voor de ontplooiing van vliegdekschepen, nucleaire onderzeeërs en de AEGIS oorlogsschepen, die deel uitmaken van het Amerikaanse anti-rakettenschild.

Jeju eiland

Het eiland Jeju, bijgenaamd 'het eiland van de goden', heeft een oppervlakte van 1.849 km2 en ligt ten zuiden van het Koreaans schiereiland. Het is een populaire bestemming voor toeristen, vooral vanuit Zuid-Korea zelf. Vanuit de hoofdstad Seoul vertrekken om het kwartier vliegtuigen naar Jeju, dat bekend staat om zijn mooie natuur, zijn bossen, zijn watervallen en Halla-san, de hoogste berg van Zuid-Korea. Er leven vandaag zo'n 580.000 mensen op het eiland. Al in 1993, onder president Kim Young Sam, werd voor het eerst het plan kenbaar gemaakt om een marinebasis aan te leggen op Jeju. In de loop der jaren werden verschillende plaatsen op het eiland overwogen als de precieze locatie voor de basis. De bewoners van deze potentiële locaties schoten in actie van zodra hen ter ore kwam dat er een militaire basis neergepoot kon worden in hun achtertuin.

Voor de inwoners van Jeju waren de plannen voor een militaire basis op hun eiland zeer schokkend, omdat zij in een niet zo ver verleden al eens gruwelijk geconfronteerd werden met de gevolgen van een verregaande militarisering. Het zuidelijke deel van Korea stond van september 1945 tot augustus 1948 onder de heerschappij van de Amerikaanse Militaire Regering in Zuid-Korea. In de nasleep van de tweede wereldoorlog heerste er in het zuiden van Korea heel wat economische en politieke chaos, alsook een diepe onvrede bij de bevolking over de installatie van deze Amerikaanse Militaire Regering. Dit Amerikaans bestuur wekte een diep ongenoegen op omwille van de steun die de VS initieel gegeven had aan de Japanse koloniale regering (Japan annexeerde Korea in 1910). Toen Japan na WO II verdreven was leidde de beslissing van de Amerikaanse Militaire Regering om de Japanse gouverneurs aan te houden als adviseurs tot nog meer onvrede. De Zuid-Koreanen waren ook kwaad omdat het VS-bestuur de populaire én functionele Volksrepubliek van Korea genegeerd, verboden en uiteindelijk ontbonden had. Deze kortstondige regering hield de zaken draaiende vlak na de overgave van het Japanse rijk (15 augustus 1945), tot de Verenigde Staten in september 1945 besliste om een militaire regering te installeerden in Korea. Tenslotte maakte de Amerikaanse Militaire Regering zich uiterst onpopulair door de verkiezingen te steunen -opgelegd door de Verenigde Naties- die zouden leiden tot de officiële opdeling van Korea. De communistische Arbeiderspartij van Zuid-Korea veroordeelde deze verkiezingen (gepland voor mei 1948) en wilde ze tegengaan via betogingen. Zo ook op Jeju-eiland, waar volgens VS-rapporten ongeveer 20% (60.000 mensen) van de bevolking lid was van de Arbeiderspartij van Zuid-Korea, terwijl nog eens 80.000 personen sympathiseerden met de partij. Op Jeju werden voor er een betoging kon plaatsvinden 2500 kaderleden van de partij gearresteerd en drie van hen werden gedood. Daarop brak er op het eiland, een opstand uit (3 april 1948). Het Zuid-Koreaanse leger onder Amerikaanse militaire voogdij sloeg deze opstand op brutale wijze neer: 84 dorpen werden van de kaart geveegd, 30.000 mensen kwamen om het leven en duizenden anderen sloegen op de vlucht. Naar deze slachtpartij wordt door de inwoners van Jeju verwezen met de term Sasam. Tot een aantal jaren geleden was het hen niet toegestaan om openlijk over deze traumatische gebeurtenis te spreken. Pas in 2006 bood de toenmalige Zuid-Koreaanse president Roh Moo-Hyun zijn officiële excuses aan de eilandbewoners aan voor het bloedbad van 1948. Hij riep Jeju toen ook uit tot een 'Eiland van de Wereldvrede'. De schok was dus groot toen dezelfde president amper twee jaar later het licht op groen zette voor de constructie van de militaire basis op het eiland.

In 2007 was uiteindelijk besloten om het dorpje Gangjeong te nemen als de definitieve locatie voor de constructie van de militaire basis. Het dorp, gelegen aan de zuidkust van Jeju, telt 2000 inwoners. De meesten van hen leven van de visvangst en de teelt van mandarijnen. Voor zowel de visserij als de cultivatie van mandarijnen is water een vitale bron. De Amerikaanse marinebasis die in Gangjeong aangelegd wordt, zal beide activiteiten enorm beïnvloeden. De bouwwerken die sinds dit jaar aan de gang zijn, hebben de zachte koraal en de biodiversiteit in de zee al aangetast, en er werden ook reeds verschillende rotsformaties opgeblazen om meer plaats te maken. De kostbare vulkanische Gureombi-rotsen zijn niet alleen zeer sensitief voor veranderingen in het milieu, de zoetwaterbronnen die onder de rotsen zitten, voorzien de toevoer van de Gangjeong stroom, die instaat voor 70% van het drinkwater in het zuidelijke deel van het eiland. Het is dankzij dit water dat er aan landbouw gedaan kan worden. Volgens de constructieplannen zou de marinebasis ongeveer 50 hectare bebouwbare grond opslorpen.

Antimilitaristisch verzet

Verzet tegen militaire basissen kent een lange geschiedenis in Zuid-Korea. Er is een hele waaier aan groepen die de strijd aanbindt tegen de militarisering. World Without War is er een van, en deze groep heeft zich gespecialiseerd in geweldloze directe acties, een relatief nieuw concept in Zuid-Korea. Tijdens mijn verblijf bij de Zuid-Koreaanse activisten was ik getuige van allerlei acties. Zo trok een groepje misnoegde Zuid-Koreanen naar het hoofdkwartier van het bedrijf Samsung, de grootste chaebol (Zuid-Koreaans variant van een conglomeraat) van het land en tevens een van de belangrijkste contractanten voor de bouw van de marinebasis in Jeju. De activisten overgoten zichzelf met rode verf voor de ingang van het Samsung-gebouw. Een regelmatig terugkerende manier van protesteren in Zuid-Korea is het opvoeren van dansjes. Iedereen leert dezelfde choreografie op allerlei bekende of speciaal voor de gelegenheid gemaakte nummers aan. Deze ingestudeerde activistendansen worden dan en masse opgevoerd, bijvoorbeeld voor de ingang van de basissen. In Gangjeong maakten de activisten een eigen versie van 'Gangnam Style', de huidige wereldwijde monsterhit van de Zuid Koreaanse zanger PSY, genaamd 'Gangjeong Style' (http://www.wri-irg.org/node/20528).

Mijn gastheren in Gangjeong waren mensen van de vredesbeweging The Frontiers. Zij houden zich vooral bezig met directe protestacties onder water. Duikers proberen via de zee de constructiewerken te vertragen en te saboteren. De oprichter van The Frontiers is dr. Kang Ho Song. Hij was pas een paar dagen voor mijn bezoek aan Gangjeong vrijgelaten uit de gevangenis, waar hij een straf van 6 maanden uitzat wegens zijn acties tegen de marinebasis. De leden van The Frontiers delen een huis in het dorp dat een van de inwoners hen gratis ter beschikking stelt uit sympathie voor hun werk. Volgens de activisten die ik sprak is de constructie van de militaire basis al voor ongeveer 13% voltooid. Op 9 september 2011 begon het leger met de aanleg van hekken om het territorium van de toekomstige basis af te bakenen (ook in zee). Op 7 maart 2012 begon men de eerste Gureombi rotsen in de lucht te blazen. Er was al protest tegen de komst van een militaire basis op Jeju van zodra de beslissing daartoe genomen was in 1993, maar het verzet kwam pas goed op gang in 2007, van zodra Gangjeong definitief aangeduid was als de locatie voor de basis. Het is dankzij de voortdurende acties dat de constructie ondertussen al een aanzienlijke vertraging heeft opgelopen. Volgens de activisten kan die nog altijd definitief gestaakt worden, als er maar voldoende ruchtbaarheid gegeven wordt aan de tegenkantingen van het volk. Toen ik in Gangjeong was, in oktober 2012, was er net een protestmars tegen de basis aan de gang op het vasteland van Zuid-Korea. Een maand lang zou de mars door het land trekken om op 3 november te eindigen in een grote betoging in de hoofdstad Seoul. Ondanks het feit dat de meeste activisten ten tijde van mijn aanwezigheid in Gangjeong meeliepen in die mars, nam er toch een aanzienlijk aantal mensen deel aan de dagelijkse protestacties. Het verzet tegen de militaire basis bestaat vooral uit dorpelingen zelf en de zogenaamde 'Gikimi' (de sympathisanten van de dorpelingen) -velen van hen komen van buiten het eiland. Het aanhoudende protest van de dorpelingen en de Gikimi is opmerkelijk gezien ze regelmatig onderworpen worden aan arrestaties, opsluiting en zware boetes. Alle dagen, vanaf 7 uur 's morgens blokkeren activisten op geweldloze wijze de twee ingangen van de basis waar vrachtwagens met puin en bouwmateriaal moeten passeren. Honderden politiemannen komen de activisten om de zoveel uren manueel wegslepen zonder ze te arresteren en van zodra de politie weer weg is nemen de activisten opnieuw hun plaatsen voor de poorten van de basis in. Alle dagen om 11 uur start er een katholieke mis voor de ingang. Dit is niet omdat alle activisten zo religieus zijn, maar omdat alle vormen van protest voor de poorten van de basis officieel verboden werden. Het enige wat nog toegestaan is, is het houden van een mis. Deze wordt echter gebruikt om allerlei tegenkantingen op te werpen tegen de militaire basis en wordt soms urenlang uitgerekt, zodat mensen die hun ongenoegen willen tonen, zich op deze legale wijze kunnen uiten. Tot nu toe verstoorde de politie deze dagelijkse mis nog nooit. Eten en drinken voor de mensen die protesteren wordt voorzien door activisten die er een heus restaurant en een cafetaria hebben opgezet. De dag van de activisten eindigt meestal rond 20 uur na het opvoeren van een aantal van de protestdansjes en het uitwisselen van de ervaringen van de dag. Vele activisten hebben hun leven in Zuid-Korea achtergelaten om deze moedige strijd tegen de militarisering in Jeju dagelijks te kunnen aangaan. De hamvraag is: hoe goed worden deze lokale protesten gecombineerd met druk op de regering in Seoul? De nationale mars is alvast een stap in de goede richting, net zoals de blijvende druk op Samsung via een boycot van de producten (waar wij als buitenlanders aan kunnen meedoen). In december 2012 zijn er presidentiële verkiezingen in Zuid-Korea. Alleen door nog verder te groeien en met de steun vanuit het buitenland, zal de slogan 'Neen aan de marinebasis op Jeju-eiland!', in december tot in Seoul weerklinken.

Programmes & Projects
Countries
Theme
Companies

Add new comment

Image CAPTCHA